NK en verder

In de laatste dagen van december heb ik meegedaan de Nederlands Kampioenschappen Baanwielrennen. Het was mijn eerste écht grote test met de rest van Nederland. Vooraf had mezelf als doel gesteld om minimaal één medaille te behalen. Ik wist dat dit erg moeilijk zou worden, maar ook niet geheel onmogelijk.

Het toernooi startte met een 250m staande start. Deze afstand ligt me vrij slecht, omdat dit het verst van het schaatsen af ligt. Tegen de tijd dat ik op gang ben, is de finish al. Ik reed 19.006s, waarmee ik 6e werd. Dat was beter dan ik dacht, dus een goede opsteker.

Dezelfde middag hadden we het Keirin toernooi. In de eerste ronde wist ik redelijk makkelijk te winnen, en stond ik in de halve finale. In deze ronde startten we met 6 man, waarvan de beste 3 doorgingen. Ik had zwaar geloot, maar in principe lagen er veel kansen om naar de finale te gaan. In het gedrang kwam ik in botsing met Jeffrey Hoogland, waardoor we beide bijna onderuit gingen. Hierdoor mistte we uiteindelijk beide de finale, en ging een mindere renner door naar de finale. Een flinke tegenvaller, aangezien ik hier de grootste medaillekans had. De strijd om de 7e plek kon ik overtuigend winnen. Helaas, maar dit hoort bij Keirin.

Een dag later stond ik aan de start van de 1km tijdrit. Een slopend onderdeel, omdat je zo hard als je kan van start moet gaan en dat zo lang mogelijk vol moet houden, ondanks de zware verzuring. Met een eindtijd van 1.05.890 reed ik een dik persoonlijk record. Het zag er even naar uit dat ik 3e kon worden, maar uiteindelijk moest ik genoegen nemen met een 4e plek. Een prima klassering in een goede tijd!

Met het sprinttoernooi reed ik een matige kwalificatie. Met 10.990 was ik niet gelukkig. De zware 1km van een dag eerder was hier de hoofdoorzaak van. Met deze kwalificatie kwam ik in de eerste ronde tegen Nils van ‘t Hoenderdaal, die ik wist te verslaan. In de kwartfinales kwam ik tegen Teun Mulder uit. In 2 wedstrijden verloor ik van hem, die uiteindelijk het toernooi won.

Ik kan met een goed gevoel terugkijken op de vorige periode. Ik heb grote stappen gemaakt, en ben gepromoveerd naar de ‘topsport-groep’. Dit houdt in dat uit deze groep de selecties voor de EK’s, WK’s, WorldCups en Olympische Spelen worden gemaakt.

De komende weken zullen in het teken staan van een goede basis leggen. Van de zomer zijn de eerste belangrijke wedstrijden pas weer. Welke dat zijn, hangt volledig af van hoeveel progressie ik nog ga maken. Ik ben benieuwd!


NK baanwielrennen 27-30 december!

Komende week staat het Nederlands Kampioenschap op het programma. 27 tot en met 30 december worden de titels verdeeld op de wielerbaan van Apeldoorn, Omnisport. Alle categorieën rijden daar, van junior vrouwen tot elite mannen en aangepast wielrenners. Ik zal deelnemen aan alle sprint-onderdelen bij de elite mannen en mijn programma ziet er als volgt uit:

Dinsdag 27 december:

(13:45 tot 14:15uur) 250m staande start (geen officieel NK)

(17:30 tot 22:35uur) Keirin

Woensdag 28 december:

Geen onderdelen voor elite-sprint

Donderdag 29 december:

(19:50 tot 21.05uur) 1km individuele tijdrit

Vrijdag 30 december

(14.40 tot 21.20uur) Sprint

Ik hoop op een medaille op één van deze onderdelen. Het is ambitieus, maar niet geheel onhaalbaar. Naast dat het hard fietsen is, is het ook nog eens een tactisch spelletje. Ik denk dat de meeste niet precies weten wat de onderdelen inhouden. Teun Mulder heeft vorig jaar voor het WK aan de NOS uitgelegd wat Keirin en Sprint is.

Wat is Keirin? Nou, Teun Mulder legt het hier uit:

http://nos.nl/video/227869-teun-mulder-legt-uit-de-keirin.html

Wat is sprint? Teun Mulder legt het hier uit:

http://nos.nl/video/227868-teun-mulder-legt-uit-de-sprint.html

Toegangskaarten, uitslagen en meer informatie is te krijgen via www.nkbaanwielrennen.nl

Daarnaast kan je door het NK baanwielrennen te liken op facebook via http://www.facebook.com/NKBaan makkelijk op de hoogte gehouden worden!

 


Krantenartikel Algemeen Dagblad 16 december 2011


Video Keirin NK Amateurs


Nederlands Kampioen Sprint bij de Amateurs!

Afgelopen maandag ben ik voor het eerst in mijn leven Nederlands Kampioen geworden. Bij de amateurs, de jupilerleague van het wielrennen. Vooraf had ik met René Wolff door te trainen in verband met het NK Elite wat aan het eind van de maand op de planning staat.

Ik reed de kwalificatie niet zoals ik hem hebben wilde. 11.10sec was toch ruim genoeg voor de eerste plek.

In het sprinttoernooi ging het me redelijk makkelijk af. Ik kon zuinig rijden en won deze duels ook allemaal.

Als laatste stond de keirin op het programma. Ik moest bij de beste 3 om zeker te zijn van de trui. Uiteindelijk wist ik iedereen te snel af te zijn en mocht ik het podium op.

Mijn licentie is inmiddels omgezet naar een elite licentie, dus erg lang kan ik niet van mijn titel genieten.

De komende 3 weken staan in het teken van erg hard trainen om op het NK Elite top te zijn. Bij goede resultaten daar, heb ik een goede kans op de Worldcup in Beijing.


2 daagse van Wenen en grote stappen

In de afgelopen weken heb ik grote stappen gemaakt. Ik heb mijn 200m tijd met bijna een seconde verbeterd; van 11,898 naar 10,996. Ik denk dat als ik de bocht nog wat beter aan snij, en wat minder slinger over de baan, dat 10.6 nu al haalbaar is. Vanaf 10.4 begin je internationaal mee te gaan doen. Voorlopig nog genoeg om aan te werken!

Als ik kijk hoe ik nu op de fiets zit en wedstrijden rijd, is dat een wereld van verschil. Ik ben een stuk zekerder, rij veel meer ontspannen en  begin de tactiek langzaam in de smiezen te krijgen. Ik krijg veel complimenten over mijn progressie, en merk dat er langzaam aan rekening met me gehouden wordt… Leuk!

Tussen het trainen door probeer ik zo veel mogelijk wedstrijden te rijden. Het écht harder fietsen wordt aan gewerkt in de trainingen, de tactische component kan je eigenlijk alleen maar in wedstrijden doen. In Apeldoorn werden diverse wedstrijden georganiseerd door wielerclub de Adelaar waaraan ik heb deelgenomen. Jammer genoeg deed de top 5 van Nederland niet mee aan deze wedstrijden, waardoor ik het gros van die wedstrijden heb gewonnen. Voor mij leuke wedstrijden om een beetje te spelen en te leren hoe het spelletje werkt. Het verschil tussen de nationale selectie en de rest van Nederland is vrij groot.

Vorige week ben ik samen met Michael Veen en Jeroen Hoekstra naar Oostenrijk vertrokken voor de 2daagse van Wenen. Een UCI 1.1 wedstrijd, waar erg veel punten te verdienen waren waardoor er veel internationale baanwielrenners te vinden waren. Er was een grote ploeg met erg goede Duitsers, Polen, Tsjechen en Italianen.

In de sprintkwalificatie over 200m reed ik 10.996, waarmee ik 12e werd. Er waren er veel die 10.2, 10.3 en dergelijke reden, het niveau lag dus erg hoog! In de eerste sprint werd ik geloot tegen de nr. 5 en de nr. 13 uit de kwalificatie, wat een relatief gunstige loting was, de nr. 5 reed ‘maar’ 10.5. Ik was maar een klein jongetje in verhouding tot deze spierbonken. Door er een lange sprint van de maken wist ik uiteindelijk beide mannen te verslaan, en stond ik in de 1/6e finale. In de ronde daarop moest ik tegen de Hongaars kampioen, en snelle man dus. In de laatste meters kwam hij nog dichtbij, maar ik wist mijn bandje als eerste over de finish te drukken. In de 1/4e finale mocht ik tegen de nr. 3 van de kwalificatie. Deze was nog even een maatje te groot voor me, hij fietste in de laatste bocht redelijk makkelijk om me heen. Uiteindelijk ben ik 8ste geworden in het sprinttoernooi! Een erg goed resultaat, veel hoger dan ik vooraf gedacht had in dit tactische onderdeel!

Ik had me ook opgegeven voor de 1km individuele tijdrit. Deze hadden ze direct achter de laatste sprint geplaatst, waardoor ik na mijn sprint net genoeg tijd had om er een ander stuurtje op te zetten. Alles behalve een ideale voorbereiding dus! Terwijl ik nog buiten adem was van mijn sprint, hoorde ik dat mijn naam omgeroepen werd omdat ik nu toch écht naar de start moest komen. Na een matige start kon ik mijn snelheid goed vasthouden, wat resulteerde in een tijd van 1.07.714 waarmee ik 4e werd. Omdat dit een internationaal hoog aangeschreven wedstrijd is, waren er veel UCI punten te verdienen waarmee je weer op de ‘world ranking’ komt. Na de wedstrijd van 5 weken terug in Zwitserland stond ik 53ste, ik verwacht nu ongeveer 25ste te staan op de wereldranglijst als deze weer wordt vernieuwd.

De 2e dag stond er een teamsprint op het programma. Ik wist samen met Micheal Veen en Jeroen Hoekstra 4e te worden in kwalificatie.  Hierdoor mochten we in de verliezersfinale tegen de nr. 3 rijden, de Tsjechische B-ploeg. Deze verloren we glansrijk met 2,5seconden, we hebben er het maximale uitgesleept door 4e te worden.

Daarna stond er nog een keirin toernooi op ons te wachten. Keirin rijden is internationaal anders dan in Apeldoorn. De derny slingert je met ongeveer 55kmpu de baan in, in plaats van een rustige 40. Om dus op te rukken vanaf een 4 plek naar de kop moet je ongeveer 65kmpu gaan rijden, laat staan wat je moet rijden om een demarrage te plaatsen. In de eerste keirin had ik een slechte loting, allemaal goede jongens, en ik werd 4e, waar de eerste 2 maar door gingen naar de volgende ronde. In de herkansing bleef ik steken op de 3e plek waardoor ik definitief uit het toernooi lag.

In deze wedstrijden heb ik erg veel geleerd. Ik heb vriend en vijand verbaasd door sprints van sterke tegenstanders te winnen. Prima tijden en uitslagen gereden, en voel me nu ook baanwielrenner in plaats van een schaatser. Ik merkte wel dat ik snel vermoeid raakte van dat sprinten. De eerste ochtend was eigenlijk ook het beste.
Als ik kijk hoe mijn progressie gaat in de afgelopen 8 weken, kan ik erg tevreden zijn. Ik ga deze stijgende lijn proberen vast te houden, en ga zien wat voor moois het allemaal oplevert!

28 november is het NK Amateurs waaraan ik deelneem. Ik hoop daar een gooi te kunnen doen naar de titel!


Trois Jours d’Aigle

Afgelopen week heb ik deelgenomen aan de driedaagse van Aigle in Zwitserland. Deze wielerbaan zit in het UCI hoofdkantoor. Het is een 200m baan, en is dus een stuk korter en steiler dan ik gewend ben. Mijn eerste wedstrijd, en gelijk een internationale. Het niveau was erg hoog, de Fransen, Italianen en Engelsen konden toch een stukje harder fietsen dan ik dacht.

Vooraf hebben we weinig ‘wedstrijdvoorbereiding’ gedaan, het was de bedoeling dat ik hier redelijk blanco heen ging en dan maar gewoon ging uitzoeken hoe het allemaal werkte. Baanwielrennen blijkt meer te zijn dan alleen hard fietsen. De tactiek is misschien wel meer dan 75% van het hele baanwielrennen, en dat is nu precies waar het mij aan ontbrak (naast dat de concurrentie ook vaak veel harder kon fietsen dan ik)

Uiteindelijk ben ik het klassement 13e van de 15 geworden. Sprint en Keirin moet ik duidelijk nog leren, maar Afvalkoers, Stratch en 1000m gingen me al behoorlijk goed af!

Maar misschien wel het belangrijkste: wat zijn die wedstrijden gaaf! Ik ben verkocht!


Foto update!

Afgelopen training zijn er enkele foto’s gemaakt. Binnenkort zullen er nog meer foto’s volgen!

Foto’s door Fred Draaisma van bf-one.com.

 


Baanwielrenner!

2 weken geleden ben ik verhuisd naar Arnhem. Ik woon in een sportershuis, een flat met ongeveer 30 sporters. Tafeltennisers, Badmintonners, Atleten en Wielrenners. Iedereen heeft een kleine kamer voor zichzelf, en deelt 4 grote toiletblokken, woonkamers en keukens. Koken moeten we zelf. We wonen op ‘de Brink’ in ‘Ons Dorp’. Een wijk in Arnhem, bekend van monopoly en de inzamelingsactie van Mies Bouwman in de jaren 70. Het dorp wordt vooral bewoond door gehandicapten, waarvoor het dorp gebouwd is zodat ze betere zorg kunnen krijgen. Maar nu is één flat dus bewoond door sporters. En dat bevalt goed!

Ik ben nu al 2 weken bezig met het trainen. Ik dacht dat ik deel zou uitmaken van de talentenploeg van de KNWU. De bondscoach wilde echter dat ik direct bij de ‘grote’ mannen mee ging trainen. Vanaf de eerste training doe ik dus mee met de nationale selectie baansprint. Officeel zit ik nog in de talentengroep, maar dat is meer een formaliteit omdat ik nog nooit een wedstrijd heb gereden.

Het fietsen gaat goed. Ik merk wel dat ik nog niet gewend ben aan de soort trainingen die we moeten doen. In het begin van de week gaat het fietsen écht goed, rij ik heel makkelijk heel erg hard. Tegen het einde van de week merk ik dat ik vermoeid raak, en fiets ik duidelijk minder hard. Ook dat is een vorm van training en gewenning. Komt allemaal goed!

De eerste wedstrijden staan al wel in het programma. 6 tot 9 oktober rij ik mijn eerste wedstrijden in het Zwitserse Aigle. Gelijk internationaal, om erin te komen. Normaal gesproken rij ik ook de 6daagse van Amsterdam, maar dat is nog definitief.

Komende week gaan de meeste ijsbanen weer open. Om eerlijk te zijn: ik mis het schaatsen nog totaal niet. Het baanwielrennen is veel te leuk!

Een foto update op mijn site komt eraan zodra ik foto’s heb.

 


Eind Schaatscarrière, Begin Baanwielrencarrière

De kogel is door de kerk: Ik ruil mijn schaatsen in voor een baanwielrenfiets. Ik stop met schaatsen en ga baanwielrennen.

Half april deden wij met de schaatsploeg een wingate-test om te kijken hoe we er aan het begin van het zomerseizoen voor stonden. En dat bleek best wel goed te zijn, ik kon een aardig groot vermogen op de testfiets loslaten waarmee ik de top-10 binnenstormde tussen schaatsers en baanwielrenners. Ik vertelde een kennis die veel in het baanwielrennen doet over deze goede test en heeft voor een training bij de nationale ploeg gezorgd. Na 5x meetrainen over 3 maanden verdeeld, kwamen we tot de conclusie dat er meer in zit voor mij, maar dan moet er meer op de baan getraind worden. Dat kan niet als ik me blijf richten op het schaatsen.

De KNWU heeft me een kamer op Papendal aangeboden en een plekje in de opleidingsploeg sprint. Hierdoor kan ik elke dag van de faciliteiten van Papendal en de wielerbaan in Apeldoorn gebruik maken, met in het vooruitzicht een goede baanwielrenner te kunnen worden. Leven als een profwielrenner, en kijken waar mijn grenzen liggen. Hopelijk kan ik dan snel de stap maken naar de nationale selectie en met kwalificeren voor de Worldcups, EK’s & WK’s. Hiervoor moest ik wel mijn schaatscarrière stopzetten omdat je niet beide een beetje kan doen.

Deze zomer ben ik met erg goede motivatie het seizoen in gegaan. Nieuw team, nieuwe trainers, nieuwe manieren van trainen. Het beviel me allemaal erg goed, en ik was ervan overtuigd nog een stap te gaan maken. Als ik realistisch ben, zal ik nooit meer Wereldkampioen of Olympisch kampioen worden, maar een subtopper blijven. Ik heb niet één stap nodig om op het niveau te komen waar ik zo graag heen wil, maar 3,4,5 of meer stappen. Die kans dat ik dat ooit nog ga doen is ontzettend klein.

De kans die ik aangeboden kreeg door de KNWU is een kans die ik met beide handen aan wil pakken. Wat dat precies inhoudt weet ik niet precies, dat krijg ik nog allemaal te horen.

Wat ik wel weet is dat ik hard kan fietsen. Ik krijg alle mogelijke faciliteiten om mezelf te ontwikkelen om nog harder te leren fietsen.Volgend jaar rond deze tijd zijn de Olympische zomerspelen in Londen, en er is een kleine kans dat ik me daarvoor weet te kwalificeren. Ik wil er in ieder geval alles aan doen om daar te mogen rijden!


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.